Man uit Kampen (56) voor rechter voor mogelijke rol in zwembadmoord in 2012

Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt de 56-jarige Johan L. uit Kampen ervan dat hij in 2012 de moord op Jan Elzinga in het Groningse dorp Marum mede heeft voorbereid. Vandaag is zijn eerste inleidende zitting bij de rechtbank in Groningen.

Jan Elzinga (40) werd op 10 juli 2012 op zijn fiets voor de ingang van het zwembad in Marum doodgeschoten.

De man zwom dagelijks een aantal baantjes, maar werd die dag opgewacht door Pascal E. uit Zwolle. E. lag in de bosjes op Elzinga te wachten en schoot hem door zijn borst. Het slachtoffer overleed aan zijn verwondingen. De Zwollenaar werd kort daarop aangehouden.

Belastende verklaringen over schoonfamilie

Hij schoot in opdracht van Willem P. uit Kampen, verklaarde de man destijds. Hij kreeg hiervoor 15.000 euro. De schutter werd veroordeeld tot vijftien jaar cel. Zijn opdrachtgever zit een celstraf van twintig jaar uit en hield zijn kaken stijf op elkaar over de zaak tot 2017.

Toen legde Willem P. belastende verklaringen af over de toenmalige vriendin van Elzinga, haar moeder en broer. Negen jaar na de moord werd de schoonfamilie van Elzinga opgepakt, maar ook een andere man uit Kampen; Johan L, die vandaag voor de rechter staat.

De vriendin en haar broer waren kort na de moord ook al als verdachten in beeld. Het OM seponeerde toen hun zaken vanwege gebrek aan bewijs. Hun nieuwe aanhouding in juli en het feit dat de veroordeelde Kampenaar Willem P. een deal sloot met het OM over kans op een vervroegde vrijlating, sloeg bij Elzinga's schoonfamilie in als een bom.

Johan L. als tussenpersoon

P. vertelde het OM dat hij van de familie 30.000 euro kreeg om de moord op Jan Elzinga te regelen. De familie wilde Elzinga dood hebben, omdat die zijn vriendin zou mishandelen. Willem P. haalde zijn vriend uit Zwolle over om de rol van schutter op zich te nemen. Die verklaarde van meet af aan dat de vriendin en haar broer achter de moord zaten, maar echt bewijs hiervoor kwam nooit boven tafel.

Willem P. kwam vier jaar geleden met vergelijkbare verklaringen. Hij vertelde bovendien dat de schoonmoeder van Elzinga een wapen had opgehaald of ervoor had betaald bij Johan L. uit Kampen. Hij was vervolgens contactpersoon tussen de familie en de uitvoerders. Willem P. overhandigde het OM in de gevangenis twee telefoons en een simkaart met belastende communicatie tussen hem, vanuit de gevangenis, en de zwager van Elzinga.

Recht op de waarheid

Willem P. wil niet ten onrechte te boek staan als de grote organisator van de moord en daar alleen voor opdraaien. De nabestaanden hebben zo langzamerhand recht op de waarheid, zou hij tegen het OM hebben gezegd.

Naar aanleiding van deze verklaringen en het bewijsmateriaal kwam het onderzoek Druppel op gang. Een undercoveragent deed zich voor als iemand die bij P. in de gevangenis had gezeten. Hij gaf de moeder van Elzinga's toenmalige vriendin een telefoon met daarop belastende informatie.

Paniek

De politie luisterde ondertussen de familieleden af en hoorde paniek uitbreken. Moeder en dochter wilden in principe de telefoon naar de politie brengen. De broer wilde eerst met hun contact in Kampen praten. Dit gebeurde een dag later. Het viertal werd kort daarop aangehouden.

De advocaten van broer en zus noemden tijdens de zitting begin oktober de nieuwe verklaringen van P. volstrekt onbetrouwbaar. Zij vroegen de twee verdachten vrij te laten. Ook hierover wordt vandaag beslist. De datum van de inhoudelijke behandeling is nog niet bekend.

Heb je een nieuwstip of nieuwe informatie? Tip de redactie via een WhatsApp-bericht: 06 - 57 03 33 33.
Meer over dit onderwerp:
KAMPEN RECHTSZAAK
Deel dit artikel: